Boem!
Jeroen Zwaal (Verlangzamen)
Afgelopen dinsdag liep ik met een collega richting de Aldi in het Spijkerkwartier. We waren druk in gesprek en ineens werden we aangereden. Nou ja…getoucheerd. We schrokken er niet eens van, want het was al gebeurd.
Meteen liep ik om de Volvo heen en riep door het open raam: “We hadden wel voorrang hè? Rechtdoorgaand verkeer gaat voor!” Hoe fijn dat basisschoolkennis ineens van pas komt. “Jaja!, antwoordde de bestuurder. “Ik moest een fietser ontwijken.” In de auto zat een jongeman met een petje en een zonnebril gestrest en onderuitgezakt achter het stuur. “Jaha, dat zal wel”, zei ik terug.
Ik had geen fietser gezien. En hem evenmin.
Ik liep weer terug naar mijn collega. Nog steeds niet geschrokken. Wel een schrammetje op haar elleboog vanwege een tik van de rechterbuitenspiegel. En haar teen. Die deed een beetje zeer. Ok. Gelukkig, dat viel dus mee. Ondertussen ging onze brokkenpiloot er alweer vandoor. Voor we er erg in hadden, was hij de straat al uit. Zijn nummerbord kon ik nog net opschrijven. Eenmaal thuis leerde Google mij het volgende:
Volgens de wegenverkeerswet, artikel 7:
1. Het is degene die bij een verkeersongeval is betrokken of door wiens gedraging een verkeersongeval is veroorzaakt, verboden de plaats van het ongeval te verlaten indien:
a. bij dat ongeval, naar hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden, een ander is gedood dan wel letsel of schade aan een ander is toegebracht;
b. daardoor, naar hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden, een ander aan wie bij dat ongeval letsel is toegebracht, in hulpeloze toestand wordt achtergelaten.
2. Het eerste lid, aanhef en onderdeel a, is niet van toepassing op degene die op de plaats van het ongeval behoorlijk de gelegenheid heeft geboden tot vaststelling van zijn identiteit en, voor zover hij een motorrijtuig bestuurde, tevens van de identiteit van dat motorrijtuig.
Artikel 176:
3. Overtreding van de artikelen 7, eerste lid, […], bedoelde regels voor zover het betreft een verbod tot het gebruik van verlichting, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste drie maanden of geldboete van de derde categorie.
Nu kunnen wij prima acteren en even schoot door me heen om alsnog in ‘hulpeloze toestand en met psychisch letsel’ de politie te bellen, een aanrijding te melden en te zeggen dat de dader was weggereden. Appeltje eitje, dikke boete. Maar nee. We waren blij dat we niet dertien weken in het gips hoefden, dat we getuigen waren van een zonnetje dat lekker scheen en dat we bij terugkomst weer wat te vertellen hadden. En te schrijven…
Marco Derksen op zaterdag 25 april 2009 om 8:06 uur
Altijd zorgen voor een flipvideo in de zak om dit soort gesprekken te filmen. Of zou dat betekenen dat je alsnog in het gips had gemoeten? Gelukkig was er het zonnetje, dat maakt veel goed ;-)