Registreren

Gebruikersnaam

Echte naam

Wachtwoord

Nogmaals wachtwoord

E-mailadres

Nogmaals E-mailadres

  

Doe ook mee met Arnhem dichtbij!

Arnhem dichtbij is een platform voor en door Arnhemmers. Iedereen kan meedoen! Dat kan door te reageren, maar ook te bloggen over dingen die zich in jouw omgeving afspelen. Meld je aan door je hier te registeren en doe mee Arnhem dichtbij! Heb je vragen? Mail de redactie. (redactie@arnhem-direct.nl)

Inloggen

Gebruikersnaam

Wachtwoord

 Onthoud mij

Wachtwoord vergeten?

zaterdag 2 oktober 2010 om 14:00 uur
4

Toes & Vos (12)

Felicita Vos en Jac. Toes zullen elkaar twaalf zaterdagen lang bestoken met alles wat hun opvalt, wat hen prikkelt, razend maakt, tot tranen beweegt of anderszins beroert in Arnhem en de rest van het heelal.  Om en om geeft de een de voorzet, waarna de ander de bal ofwel in het open doel knalt, ofwel de opgelegde kans magistraal verprutst. Maar altijd met stijl en onaangetaste slagkracht.


Over lookalikes, aannames en andere dwalingen

Felice, Felice!
 
De anekdote stamt uit 2004. Ik at met mijn vrouw in een Turks restaurant in Nijmegen. Mijn vrouw had een chique jurkje aan, ik droeg een fijn kostuum (naar de tangosalon geweest) en mijn gladgeschoren kop glom als een bolder op de Rijnkade in de ondergaande zon. Aan een andere tafel zat een stel Turkse jongens van wie er één de volgende dag zou gaan trouwen, bleek uit hun opgewonden kreten. Dolle pret daar dus. Tot ze mij in de gaten kregen. 

‘Hé, ben jij Pim Fortuyn?’ vroeg er één. Ik was in die tijd wel vaker vergeleken met Pim Fortuyn maar dat hield op nadat hij was vermoord. Wisten die jongens dat niet meer of vonden ze dat niet relevant? Onzin. Waren ze er dan op uit om hun onvrede met Fortuyns gedachtegoed op een lookalike af te reageren, zij het postuum? ‘Nee, ik ben Pim Fortuyn niet.’ Ik zei het met een afstandelijke toon om mijn verwarring te verbergen. 

De Turkse jongen stond op en kwam naar me toe. Hij wierp een blik op mijn vrouw en wees op mijn trouwring: ‘Kan ook niet, man, jij bent toch helemaal geen homo!’ Humor dus. Misschien niet van de allersubtielste soort maar die jongens waren gewoon aan het geinen. Waarom schatte ik dat anders in dan voor de hand liggend: die jongens waren immers bezig met een bachelor’s party. Van de opluchting lachte ik langer mee dan de grap waard was. 

Is dit nu een voorbeeld van de steeds spastischer wordende omgang met allochtonen? Dat je eerder grimmigheid dan grappen verwacht? Dat je hoe dan ook het slachtoffer bent van je eigen vooroordelen? Een paar maanden eerder namelijk was ik in een verpleegtehuis en daar had de - witte - verpleging dezelfde opmerking voor me in petto. “Hé, Pimmetje!’ Toen antwoordde ik iets in de trant van: ‘Nee, dat is mijn neefje, het zwarte schaap. Hij is helemaal verkeerd terechtgekomen.’

Een eyeopener van eigen dwaalwegen, waar ernstig aandacht aan moet worden gegeven. Dat neemt niet weg dat we even alert moeten zijn op krachten en personen die jou en mij deze dwaalwegen als de juiste weg voorhouden. 

Felice, op het moment dat deze columnbrief de lucht in gaat, wordt in de Rijnhal door het CDA-congres gediscussieerd over deelname aan het Wildersregime. Over anderhalve week begint het sprookjesfestival in Arnhem. Wat zou mooier zijn als dat evenement wordt vervroegd!? Per slot zijn het allemaal christenen die zich daar hebben verenigd en die zijn wel gewend aan magische verschijnselen.  Ik roep bij deze de Heilige Geest op om nóg eens af te dalen, dit keer naar Arnhem-Zuid om de gelovigen daar effe door elkaar te schudden voordat ze op het knopje van hun stemkastje drukken. Zodat vanavond het goede nieuws luidt dat het CDA-congres heeft besloten op het rechte pad terug te keren. 

Felice, we hebben het dozijn columnbrieven vol gemaakt. Wij houden er even mee op. Sommige columnbrieven waren te lang, sommige hadden scherper gemoeten. Er zijn zelfs een paar schrijffouten vrolijk meegegaan. 

Dus ik houd me maar weer eens vast aan het schrijfmotto van Samuel Beckett: 
Try. 
Fail!
Try again
Fail better! 
 
Je schrijfmaat, Jac. 


Ha Jac.,
 
Ja, dit is voorlopig de laatste columnbrief die we elkaar op Arnhem Direct schrijven. Sommigen waren inderdaad te lang, te filosofisch, bevatten hier en daar een spelfoutje, maar al met al was het voor mij een interessante mini-expeditie door de uitgestrekte landschappen van onze universa. 
 
Lookalikes, wat zal ik erover zeggen? Jij wordt vergeleken met Pim Fortuyn, ik met Cher. De één een homo, de ander een homo icoon. Voor ons beiden een zeer oppervlakkige vergelijking die, als je goed kijkt, behoorlijk mank gaat. Waar komt dat toch vandaan die behoefte om mensen met een al dan niet passend etiketje in een hokje te stoppen? Weet jij het?

Of jouw voorbeeld illustratief is voor de steeds spastischer omgang met allochtonen, weet ik niet. Het zegt wel iets over jouw denkkader. Jij koppelt een grap van Turkse jongens aan agressie en gevaar. Daarmee ben je inderdaad het slachtoffer van je eigen vooroordelen. We maken ons er allemaal in meer of mindere mate schuldig aan. Ik zat ooit in de trein op weg naar het zuiden van Frankrijk. Onderweg, op een Nederlands station, stapten twee bouwvakkers in. Althans zo zagen ze eruit. Ze droegen werkmanskleding en hadden een leren riem om waar gereedschap in gestoken zat. Beide onheilsgoden gingen tegenover mij zitten, dronken bier uit een blikje en begonnen me al snel voor van alles en nog wat uit te maken. Dat ging van: ‘Je moet je haar blonderen kutwijf’ tot: ‘Ze hadden je moeten vergassen smerige, zwarte kankerhoer.’ Ik wist niet zo goed hoe ik moest reageren. Inwendig kookte ik, maar je snapt dat ik niet nog meer olie op het inmiddels niet meer smeulende vuur van beide “heren” wilde gooien. 

Ik was nog een jong meisje en verwachtte hulp van mijn medepassagiers. Maar de Nederlandse mensen die naast me zaten, deden net alsof er niets aan de hand was. Terwijl de twee bruten steeds gewelddadiger werden, lazen ze braaf hun krant, boek of keken ze met een beschaafde uitdrukking op het gezicht het raam uit. Net voor een van de twee me met een hamer op mijn kop wilde tikken, kwam een Turkse man vanuit een andere coupé toegesneld om me te redden van iets dat je een poging tot doodslag zou kunnen noemen. Enfin, ik heb het dankzij de moedige Turkse man overleefd.

Jouw brief lezend, besef ik opnieuw dat er veel aannames zijn die agressie en ongewenst gedrag aan etniciteit koppelen. Het is een variant op het hokjesdenken die dus ook regelmatig scheef gaat. Ik houd er niet zo van om over Turken, Marokkanen, Roma, Duitsers of weet ik wat te praten. Wat maakt het uit waar je wieg heeft gestaan of wat voor een kleur je hebt. Het gaat erom hoe je als mens in elkaar steekt. En het mens-zijn is wat wij, ongeacht huidskleur of etniciteit met elkaar gemeen hebben. Deze overpeinzing deed me denken aan een uitspraak van de Dalai Lama. Hij zegt daarover namelijk: ‘Overal waar ik mensen tegenkom, heb ik het gevoel dat ik een ander mens ontmoet, net als ik. Ik heb ontdekt dat het veel makkelijker is om op dat niveau met anderen te communiceren. Als we specifieke kenmerken benadrukken, zoals: ik ben Tibetaan of ik ben boeddhist, dan zijn er verschillen. Maar die dingen komen op de tweede plaats. Als we de verschillen buiten beschouwing kunnen laten, denk ik dat we makkelijk kunnen communiceren, ideeën uitwisselen en ervaringen delen.’       

Een mooie gedachte die ik graag onderschrijf. Ik hoop dat iets ervan zal neerdalen op Lila 1. En nu Jac., nu leun ik achterover in mijn stoel, wens ik net als jij vurig dat de Heilige Geest de Christen Democraten zal aanraken, mijmer ik nog wat na over Beckett’s schrijfmotto en andere beschouwingen om me vervolgens over te geven aan de zen van het thee zetten. Want ook in een kopje thee weerspiegelt zich een heel leven. 
Ciao gabber tot snel!
Felicita

kees crone op maandag 4 oktober 2010 om 12:24 uur

Ik heb al jullie stukken hier gelezen. Jammer dat de briefwisseling erop zit. Had van mij langer gemogen. En, inderdaad, de kopij was veelal aan de lange kant. Ik denk té lang voor een weblog.

wil op dinsdag 5 oktober 2010 om 13:10 uur

het is gewoon onbeschoft om in een restaurant mensen lastig te vallen,je geeft er maar weer een raar verhaal bij om je zelf zo ontzettend intellectueel te profileren en dat verhaal van felicita daar druipt de fantasie van af(je had eigenlijk nog met je redder moeten trouwen).

Felicita Vos op dinsdag 5 oktober 2010 om 16:16 uur

Ik moet wel om je opmerking lachen Wil. Helaas is mijn verhaal werkelijk gebeurd. Was het maar een fantasieverhaal. Zo zie je maar.

Els de Groen op woensdag 6 oktober 2010 om 12:32 uur

In Denemarken hebben ze al langer ervaring met een gedoogvariant. Gevolg is een verharding van de hele samenleving. Zo mogelijk nog enger dan Geert uit Venlo zelf, enger dan die twee horken met hun schokkende opmerkingen, is het gedrag van een meerderheid die zich wijsmaakt dat het wel meevalt, is het wegkijken van de medepassagiers. Op die ene na… Moeten we onze hoop voortaan vestigen op zo’n moedige uitzondering? En wat als ie niet in de trein zit?
Bedankt voor jullie boeiende serie columns! Geniet even van de wegvallende druk!

Reageer

Om een reactie te plaatsen moet u ingelogd zijn. Klik hier om in te loggen.
Heeft u nog geen account? Maak een account.