Registreren

Gebruikersnaam

Echte naam

Wachtwoord

Nogmaals wachtwoord

E-mailadres

Nogmaals E-mailadres

  

Doe ook mee met Arnhem dichtbij!

Arnhem dichtbij is een platform voor en door Arnhemmers. Iedereen kan meedoen! Dat kan door te reageren, maar ook te bloggen over dingen die zich in jouw omgeving afspelen. Meld je aan door je hier te registeren en doe mee Arnhem dichtbij! Heb je vragen? Mail de redactie. (redactie@arnhem-direct.nl)

Inloggen

Gebruikersnaam

Wachtwoord

 Onthoud mij

Wachtwoord vergeten?

zondag 5 februari 2012 om 15:07 uur
1

Wat je woning weet

Honk, kot, keet, huus, of gewoon ‘huis’. Wat hebben deze woorden met elkaar gemeen? Het zijn allemaal benamingen voor de vier muren waartussen wij een groot deel van de dag leven. Maar wat is een huis nu eigenlijk? Is het een gebruiksvoorwerp? De plek waar je eet, slaapt, ruzie maakt en de liefde bedrijft? Een omhulsel, waarin je persoonlijke bezittingen staan opgeslagen? Misschien is het je thuis, de plek waar je ‘jezelf kunt zijn’?

Feitelijk gezien is een huis niet meer dan een combinatie van muren, ramen, vloeren en een plafond. Soms een compact geraamte van beton, soms een versleten constructie van hout en roestige spijkers. Het staat er en je woont er, maar verder denk je er niet te lang over na, het is immers maar een huis.

Fundament
Toch bekruipt mij regelmatig de gedachte dat woonruimte misschien wel het fundament is van een mensenleven, althans, in de Westerse samenleving. Zonder huis zouden we letterlijk nergens zijn en zouden we ons niet kunnen ontwikkelen en onze activiteiten niet kunnen uitvoeren. Onze levens zouden dan enkel in het teken van overleven staan. Voor luxe, en laat staan voor zelfontplooiing, zou dan geen ruimte zijn. Want ook al is een huis niet altijd een thuis, we hebben woonruimte nodig om überhaupt verder te komen in het leven, vanuit daar bepalen wij onze richting. Wees maar niet bang dat ik met dit blog een zweverige boodschap met een gepredikte moraal de wereld in stuur, dat is totaal niet mijn bedoeling. Dit verhaal beschrijft slechts mijn visie op een ogenschijnlijk simpel begrip als woonruimte.

Simpel?
Dat ‘ simpele begrip’ is bij een nadere beschouwing toch gecompliceerder dan je zou denken, woonruimte loopt namelijk als een rode draad door onze levens. De verschillende huizen, kamers, appartementen en misschien wel vakantiehuisjes die de revue gepasseerd zijn, hebben meer van ons gezien dan wie dan ook. Eigenlijk is de relatie die we met onze woonruimte hebben, er eentje van het meest intieme soort. Een huis ziet alles, ook de emoties en gebeurtenissen die je met niemand anders wilt delen. Tranen van verdriet, die eerst zachtjes over je wangen biggelen, maar die er al gauw voor zorgen dat je mascara zich als een olievlek over je gehele gezicht verspreidt. Liefdesverdriet. Hele dagen die je doorbrengt op de bank, onder de deken, je komt alleen van de bank af om te eten, of om je eten te lozen. Tranen van frustratie, de uiting van emoties die je dagenlang opkropte. Ruzie met familie, problemen op je werk. Schreeuwen, schelden, geweld. Een kapot raam, of een deur met een deuk. Je huis ziet alles. Stiekem in je neus peuteren, een lepel pindakaas, zo uit de pot, de inhoud van een zak chips binnen vijf minuten naar binnen werken. Een fles rode wijn achterover slaan, op een slechte avond misschien wel twee. Je huis is een vat vol geheimen. Als er mensen op bezoek komen, dan speelt het, net als jij, de schone schijn. Frisgeboende vloeren en warme geurkaarsen verbloemen de rotzooi die je onder het kleedje hebt geveegd. Je huis houdt zijn mond, samen delen jullie het geheim van je ware ik. Je ware ik op dat moment. Want je huis kent slechts die periode van je leven, waarin je het bewoonde. En dat is, afhankelijk van je verhuisdrang, lang of kort. Soms je hele leven, soms maar een jaar.

Studentenkamers en volwassen huizen
Ikzelf ben redelijk vaak verhuisd, zo’n tien keer in de vijfentwintig jaar dat ik leef. Gemiddeld kenden mijn woonruimtes mij tweeënhalf jaar. Maar dat gaat natuurlijk niet op, want mijn ouderlijk huis bewoonde ik zo’n zestien jaar en vanaf dat moment hebben verschillende kamers, verspreid door Arnhem, mij mogen meemaken. En ik was niet de enige student die de betreffende kamers bewoonde. Neem maar van mij aan dat al die kamers boordevol ervaringen, emoties, dromen en herinneringen zitten. Talloze studenten hebben er de meest heftige jaren van hun leven doorgebracht. Zij hebben hun smaak daar weerspiegeld, in de vorm van felgekleurde verf, lijstjes met foto’s van hun familie, en een bij elkaar geraapt zooitje van meubilair. De kamer heeft hun eerste week op de hogeschool of op de universiteit beleefd en daarna vele avondjes met een hoop drank en seks, maar natuurlijk ook urenlang studeren. De cyclus verloopt steeds, ongeveer, hetzelfde: een kijkavond, waarbij de kamer volstroomt met studenten met zenuwachtige gezichten. Daarna de blijdschap van de student die ‘ het is geworden’. Een nieuw likje verf, gesjouw met meubilair, beurse muren en natuurlijk een housewarming.  Dan volgen weken, maanden en soms zelfs jaren van bewoning, en vervolgens begint de cyclus weer opnieuw. Steeds maakt de kamer weer kennis met een kersverse student.
De wat meer volwassen huizen, zoals een ‘echt’ huis, een flatwoning of een appartement, kennen een meer talrijke geschiedenis van bewoners en hun levens. Zij hebben kennisgemaakt met en afscheid genomen van gezinnen. Zij hebben het verdriet rondom scheidingen en ziekten meegemaakt. Maar zij hebben ook de emoties ervaren die komen kijken bij de liefde,  het krijgen van baby’s en zakelijk succes. Roze wolken en diepe, zwarte, dalen. De huizen zijn het gewend, die variatie en de fratsen van hun bewoners. Maar wij niet, wij hebben er vaak geen idee van wie de persoon was die voor ons in ons huis woonde. Of de persoon daarvoor. Wij leven in huizen waarin van alles gebeurd kan zijn. De dood en nieuw leven kunnen hun intrede gedaan hebben, precies op de plek waar ik slaap of op de plek waar ik mijn eten bereid.

Geheimen
De geschiedenis van een huis gaat soms heel ver terug, zo is het appartement dat ik momenteel bewoon, gebouwd in 1600. Oorspronkelijk was het een mosterdfabriek. Maar dat is niet het enige dat ik weet, zo ken ik iemand die haar studentenjaren in een kamer van mijn appartement heeft doorgebracht. Verdrietige jaren waren het, zo vertelde zij mij. Had ze het mij niet verteld, dan had ik het niet geweten, want het huis zwijgt als het graf. Net zoals elk huis kan het goed geheimen bewaren, en dat is maar goed ook, want ook ik laat me hier regelmatig gaan. Dit huis kent mijn geheimen, geheimen die ik nooit met een ander zou delen. Geen spannende dingen hoor, simpele geheimen die ieder mens heeft, maar die niemand met een ander zou willen. Geheimen die je alleen toevertrouwt aan je huis.

Foto: Jan Willemsen

Kees Crone op maandag 6 februari 2012 om 11:09 uur

Schoolmeesters reactie: leuk verhaal.

Reageer

Om een reactie te plaatsen moet u ingelogd zijn. Klik hier om in te loggen.
Heeft u nog geen account? Maak een account.